www.vergadering.nu De Leesmap www.vergadering.nu

Dexter Van Zile: De Wereldraad van Kerken verspreidt een dodelijke verhaal... | pdf 
Dexter Van Zile: De bijbehorende brief aan ds. Tveit van de WvK... | pdf
( lees ook: Dexter Van Zile: Sabeel en zijn christelijke minachting... | pdf)
 
  
Hieronder vindt u de NEDERLANDSE VERTALING van dit artikel op jcpa.org...
Aan de perikopen heb ik een nummering toegevoegd.
4 april 2011 - vertaald door Harry Sleijster


Terug naar de Sabeel-pagina op: www.vergadering.nu/sabeel...

Januari 2011 - Joodse Politieke Studie

De actualisering van de oude infrastructuur van
christelijke minachting: SABEEL


door
Dexter Van Zile

Inleiding

Het 'Sabeel Oecumenisch Bevrijdingstheologie Center', gevestigd in Jeruzalem, is sinds haar oprichting in 1994 een voortdurende bron van anti-zionistische agitatie bij de reguliere protestantse kerken in de Verenigde Staten. De organisatie onderwerpt IsraŽl, Joden en het Jodendom aan intensieve controle, terwijl ze voor de rest nagenoeg zwijgt over het Arabische en islamitische extremisme in het Midden-Oosten.
 
Als aanvulling op de publicatie van de geschriften van haar stichter, de Anglicaanse priester Naim Ateek, verbreidt Sabeel haar boodschap via regionale conferenties in de Verenigde Staten en door regelmatige studiemissies naar IsraŽl. Extreem-linkse Amerikaanse en IsraŽlische Joden worden prominent tentoongesteld in de Sabeel conferenties, waarbij IsraŽl wordt gehouden aan een strikt bijbelse gedragsnorm, terwijl er voor de tegenstanders in het geheel geen standaard wordt aangehouden. 

Door haar aanhangers het gevoel te geven dat ze betrokken zijn bij een confrontatie met de krachten van het kwaad, belichaamd door IsraŽl en zijn Amerikaanse aanhangers, heractiveert Sabeel de rivaliteit tussen kerk en synagoge, zoals die werd gedocumenteerd in de vroegchristelijke geschriften.

1. De uitrol van de Anti-Zionisme Cathechimus

In december 2009 komt een groep christenen en Joden uit Zuid-Afrika, de Verenigde Staten, Europa en AziŽ bijeen in Bethlehem om hun zegen te geven aan een document geschreven door de Palestijnse christelijke leiders uit Jeruzalem en de Westelijke Jordaanoever. De tekst van het document, dat  Kairos Palestina Document [in Nederland bekend als het Kairos Document (KD)] genoemd wordt, roept christenen over de hele wereld op om IsraŽl te treffen met boycots, desinvesteringen en economische sancties. [1]

Het Kairos-document stelt als doel een woord van waarheid over het Arabisch-Israelische conflict te brengen, maar nauwkeurige lezing van de tekst openbaart veel van de aanklachten die Arabische christenen vaak tegen Israel gebruiken. Het conflict is geheel de schuld van Israel - de Palestijnen zijn onschuldig. Israeli's zondigen, Palestijnen maken fouten. Palestijns geweld is gerechtvaardigd, maar Israelische zelfverdediging is dat niet. Palestijnse aanvallen zijn niet door terrorisme ingegeven, en ze zijn niet om Israel te vernietigen, maar het is 'juridisch verzet', een verlangen om zich te bevrijden van onderdrukking. Het document bevestigt ook een fantasie die christelijke vredesactivisten sinds lang hebben omarmd, dat de gevechten op miraculeuze wijze zullen eindigen zodra Israel de bezetting eindigt. Zij verklaart: "Als er geen bezetting zou zijn, zou er geen tegenstand, geen angst en geen onzekerheid meer zijn." [2]

Zoals goede gasten betaamt, reageerden de bezoekers met een aantal bekende eigen strofes. Eťn leider stelde heel  oneerlijk de veiligheidsbarriŤre - die hij "Apartheidsmuur" noemde - gelijk met de Berlijnse Muur, die door Oost-Duitse leiders werd gebruikt om hun eigen mensen gevangen te houden, blijkbaar vergetend dat de veiligheidsmuur werd gebouwd om zelfmoordaanslagen te stoppen. Een ander prees de Palestijnse christenen, die weinig invloed hebben in de Palestijnse samenleving, om een geloofwaardig getuigenis voor de vrede aan hun landgenoten en de wereld te bieden. Een derde prees de bereidheid van de auteurs van het document vanwege het risico beschuldigd te worden van antisemitisme. En als het verslag van de Wereldraad van Kerken (WCC) over het evenement te vertrouwen is, dan heeft niemand een woord van kritiek uitgesproken over de islamitische en Arabische vijandigheid tegenover christenen, Joden en IsraŽl in de regio [3].

Vier dagen later gaven de hoofden van de christelijke kerken, die, met uitzondering van de Lutherse bisschop Munib Younan, niets met het schrijven van het KD te maken hadden, een eigen verklaring uit welke de tekst met zwak onderscheid veroordeelde. Als wetenschapper merkte Malcolm Lowe op dat de hoofden van de kerken bleven zwijgen over de meer polemische aspecten van de tekst, en in plaats van kritiek te hebben ůf op te roepen tot wereldwijde campagnes tegen IsraŽl, verklaarden zij enkel dat zij de "kreet van hoop" hoorden die door hun kudden werden geuit. Lowe schrijft: "Inderdaad, de verklaring kan worden gelezen als een milde berisping voor de opstellers van het document: Palestijnse christenen moeten hun belangrijkste energie steken in de versterking van hun eigen gemeenschap in plaats van zich te verbinden met wereldwijde politieke agitatie" [4]

Desondanks schilderde op 21 december 2009 de algemeen secretaris van de WCC, Ds. dr. Samuel Kobia, de verklaring van de hoofden van de kerken als een alarmerende goedkeuring en beweerde dat het KD een "nieuwe basis en referentiepunt in deze hernieuwde strijd voor gerechtigheid" leverde. [5]

Een paar maanden later stemden ambtenaren van de 'Discipelen van Christus' en de 'Verenigde Kerk van Christus' in met het KD in een uitbundige pastorale brief die een oproep deed tot christenen om IsraŽlische producten te boycotten, die uit de Westelijke Jordaanoever kwamen. [6] En in juli 2010, 'Sojourners', een tijdschrift dat zich richt op religieus Links in de Verenigde Staten, publiceerde een lang fragment uit het document. Het magazine, uitgegeven door de vooraanstaande evangelische activist Jim Wallis, erkende dat de tekst "een meer expliciete afkeuring van terroristisch geweld" zou kunnen hebben, maar niettemin beschreef hij het KD als een "profetische mijlpaal naar vrede" in het Midden-Oosten. [7]

Een vergelijkbare fanfare was er duidelijk bij de Presbyterian Church (USA) op haar Algemene Vergadering in juli 2010. Activisten probeerden de gemeenschap te overtuigen om een inleiding goed te keuren die het KD zou bevestigen als een ondersteuningsinstrument [8] bij de bezwaren van Joodse groepen, zoals de Centraal-Amerikaanse Conferentie van Rabbijnen (CCAR), die de verklaring "vervangingstheologie en antisemitisch" noemde. "[9] Deze resolutie kwam er niet door, maar de druk om een bevestiging van het document vanuit de Algemene Vergadering te krijgen, bleef doorgaan omdat er nog een ander document voorlag - een 172 pagina's tellend rapport, uitgegeven door de 'Midden-Oosten Studiecommissie' - dat ook een bevestiging bevatte van de Palestijnse tekst. [10] Het eindresultaat was een gekwalificeerde aantekening die bleef zwijgen over boycots, maar dat het KD prees "in zijn accenten op hoop voor de bevrijding, geweldloos, liefde voor de vijand en verzoening". Ook verhief zij "het document voor onderzoek en bespreking door presbyterianen" en riep op tot het maken van een studiegids om gedistribueerd te worden naar de kerk. [11]

Voorstanders van het KD waren in staat om er een verzwakte goedkeuring uit te halen van de Algemene Vergadering van de PC (USA) door zich te verbinden in de morele chantage die het kenmerk is geworden van het "pro-Palestijnse" activisme in de grote kerken in het afgelopen decennium. De boodschap die door de verdedigers van de tekst werd aangeboden was dat het niet aanvaarden, zou neerkomen op het opgeven van de Palestijnse christenen in hun lijden. Aan de andere kant zou het bevestigen van het KD - ondanks zijn onverschilligheid ten opzichte van het Arabische en islamitische geweld en het IsraŽlische leed dat het veroorzaakte - de beste manier zijn waarmee christenen hun solidariteit konden betuigen met de levende stenen [12] in het Heilige Land, die onderdrukking te lijden hadden onder de Joodse staat.

[ Zie ook de aanbieding van het KD in Nederland op www.vergadering.nu/kairos ]

2. Een oud patroon

De dans tussen de auteurs van het KD en hun bondgenoten in Europa en Noord-Amerika is onderdeel van een proces dat in een of andere vorm heeft plaatsgevonden gedurende tientallen jaren.

In de nasleep van de zesdaagse oorlog (1967) verspreidde een groep Arabische christenen een nota [13] over het Arabisch-IsraŽlische conflict, dat een strofe bevat die teruggaat tot Augustinus: dat de Joden geen recht hebben op een soevereine staat, maar zij hebben een unieke roeping om statenloos te worden, als een getuige van de soevereiniteit van God - en niet van mensen. De nota blijft zwijgen over de vraag of Arabische tegenstanders van IsraŽl een soortgelijke oproep hadden. Voor de auteurs van de nota's hebben de IsraŽlische Joden blijkbaar hun roeping verraden door te weigeren te worden overspoeld door vijanden die hun vernietiging beloofden vůůr de Zesdaagse Oorlog. 

Niettemin presenteerden Rosemary Radford Ruether en haar man, Herman J. Ruether, de tekst vijfendertig jaar later in "De woede van Jona". [14] De steun van Ruethers aan het document is ironisch gezien het feit dat het heel goed gebruikt zou kunnen zijn als een voorbeeld van anti-judaÔsme in Rosemary Radford Ruether's boek in 1974 "Geloof en Broedermoord".

Sinds de Zesdaagse Oorlog werden soortgelijke polemieken aangeboden door een aantal Arabische christenen, die op een of andere manier de islamitische en Arabische vijandigheid tegenover Joden hebben gebagatelliseerd, en IsraŽl hebben afgebeeld als een koloniale buitenpost in het Midden-Oosten. Tot deze polemisten behoren ook de  wapensmokkelende Melkitische aartsbisschop Hilarion Capucci, Edward Said, de Latijnse bisschop Michel Sabbah, en de Anglicaanse bisschop Riah Hanna Abu El-Assal - zij allen hebben hun bewonderaars en volgelingen in het Westen.

Met uitzondering van Said hebben geen van deze lieden de vasthoudendheid getoond of de bekendheid bereikt van ds. dr. Naim Ateek, de oprichter van het 'Sabeel Oecumenisch Bevrijdings Theologie Centrum'. Hoewel de oneerlijke schertsvertoning tussen Arabische christenen en hun aanhangers in het Westen reeds lange tijd geleden in werking werd gezet, heeft Ateek het geperfectioneerd. De Anglicaanse priester en IsraŽlische burger heeft de Palestijnen als Christus-achtige lijders neergezet, die worden gekruisigd door IsraŽl dat er hardnekkig op aandringt de zonden te herhalen van de oude IsraŽlieten, zoals beschreven in het Oude Testament [15]. Ateek en de groep die hij oprichtte zeggen weinig over Hamas en Hezbollah en over de mishandeling van religieuze en etnische minderheden door de moslimmeerderheid in islamitische landen in het Midden-Oosten. De profetische stem van Sabeel, scherp en articulerend als ze spreekt over het Jodendom, Joden en IsraŽl, wordt een onbegrijpelijk fluisteren wanneer het over Arabieren en moslims in het regio gaat.

3. De Anti-Zionistische infrastructuur

Met de oprichting van Sabeel in Jeruzalem begin 1994 rondde Ateek de oprichting af van een anti-zionistische infrastructuur die in enkele gevallen in staat is geweest om kerkbreed gemeenschappen te beÔnvloeden in de Verenigde Staten. Als gevolg van de inspanningen van Sabeel is anti-zionisme uitgegroeid tot een hardnekkig onderdeel van het denken; zelfs in die kerken waar activisten geen belangrijke overwinningen hebben kunnen bereiken bij hun algemene vergaderingen. [16]

Deze infrastructuur is niet in elke grote kerk in de Verenigde Staten te bereiken, maar ze is toch formidabel. Naast het uitgeven van een driemaandelijkse nieuwsbrief 'Cornerstone', organiseren Sabeelactivisten - van wie sommigen op de loonlijst van de Amerikaanse grote kerken staan - jaarlijkse internationale conferenties in Jeruzalem en leiden regelmatig getuigenreizen naar het Heilige Land waar predikanten worden geworven ten behoeve van het anti-zionisme. Volgens Vrienden van Sabeel Noord-Amerika (FOSNA) heeft Sabeel vijfentwintig getuigenreizen georganiseerd naar IsraŽl en de omstreden gebieden. De webpagina van deze reizen maakt gebruik van reisbureau-taal om christenen aan te moedigen om deel te nemen en om te leren over het kwaad van het zionistische regiem:

Sabeel nodigt u ook uit om te komen en te zien de realiteit van het leven onder militaire bezetting.... Zie de checkpoints, de afbraak van huizen en de Apartheidsmuur, bezoek Palestijnse huizen, scholen, vluchtelingenkampen en het leven voor een paar dagen onder de realiteit van de onderdrukking. Kom en zie met ons, bid met ons, en ga getransformeerd naar huis, gestimuleerd met de waarheid van je eigen ooggetuigenis. De volgende reisbeschrijvingen zullen je een gevoel geven van de ervaringen die we voor u in petto hebben. "Kom en zie!" [17] (nadruk in het origineel)

Deze bedevaarten zijn systematisch verwerkt in een liturgie die is uitgezonden naar de kerken in de VS in de vorm van een veertig pagina's tellend boekje met de titel "De eigentijdse manier van het Kruis: Liturgische reis langs de Palestijnse Via Dolorosa". [18] De tekst, gepubliceerd in 2005, stelt het lijden in de Gaza -strook gelijk met Christus die aan het kruis genageld wordt; en de bouw van de veiligheidsbarriŤre op de Westelijke Jordaanoever met de dood van Christus aan het kruis. [19]

Sabeel verspreidt ook via e-mail een "golf van gebed" die periodiek de aandacht vestigt op het nieuwste vermeende onrecht door IsraŽl. Bijvoorbeeld in begin november 2007 toen het gebed een petitie bevatte voor een van haar stagiaires - ondersteund door de 'Discipelen van Christus' en 'De Verenigde Kerk van Christus' - die de toegang tot IsraŽl is geweigerd. De e-mail riep de ontvangers op om te bidden voor de stagiair en de "vele anderen over de hele wereld die actief zijn in de 'Internationale Vrienden van Sabeel' die de kosten van solidariteit hebben ervaren, die vaak ontstaat als iemand de waarheid spreekt tegen de macht." [20]

Periodiek verspreidt Sabeel standpuntbepalingen en de verklaringen vanuit het hoofdkantoor in Jeruzalem, die zijn gebruikt om de discussie te formuleren over het Arabisch-IsraŽlische conflict op de nationale bijeenkomsten van de belangrijkste denominaties - en de plaatselijke kerken - op dezelfde wijze als in het KD. [21]

Sabeel's infrastructuur omvat ook de nationale en lokale afdelingen die conferenties organiseren in zowel de Verenigde Staten en Canada, waar sprekers IsraŽl afschilderen als een apartheidsstaat en als de hedendaagse equivalent van het nazi-regime in Europa tijdens de jaren 1930 en 1940. [22] Dergelijk activisme is niet beperkt tot Noord-Amerika. Als aanvulling op de afdelingen heeft 'Internationale Vrienden van Sabeel' groepen in het Verenigd Koninkrijk, Duitsland, Frankrijk, Ierland, AustraliŽ, Nederland en ScandinaviŽ (Denemarken, Noorwegen en Zweden) [23].

Prominente Sabeelactivisten hebben ook de boodschap van antizionisme verspreid in openbare rondleidingen ter ondersteuning van hun boeken, zoals Jean Zaru's 'Bezet met Geweldloosheid - Een Palestijnse vrouw spreekt' [24] en Naim Ateek's 'Een Palestijns christelijke roep om verzoening'. [25]

Door deze inspanningen zijn Ateek en zijn collega-Sabeelactivisten uitgegroeid tot de meest effectieve anti-zionistische evangelisten in de Amerikaanse grote kerken vandaag. In plaats van mensen tot vollediger uitdrukking van hun christelijk geloof te brengen, werven Ateek en zijn bondgenoten voorname protestanten in de plooi van het anti-zionisme. Dat is de afgelopen jaren uitgegroeid tot een concurrerende religieuze praktijk in de Amerikaanse grote kerken. Onder Ateek's leiderschap stelde Sabeel het model op voor christelijk anti-zionisme, een beweging met zijn eigen apostelen, theologie, eschatologie en liturgische kalender, welke allemaal wedijveren met het orthodoxe christendom om de aandacht en de loyaliteit van leden van de kerk.

De apostelen van het christelijke anti-zionisme zijn Palestijnse christenen, Joden, anti-IsraŽlische activisten, en liberale protestantse 'vredes'-activisten die geen boodschap van redding door de vergeving van zonden en verzoening aanbieden, maar van wrok en demonisering. 
De theologie van de beweging is een middeleeuws Joods-centrisme dat IsraŽl plaatst in het middelpunt van de geschiedenis in het Midden-Oosten; de eschatologie is die van het Joodse berouw, bekering, en het achterlaten van haar soevereiniteit, leidend tot vrede in het Midden-Oosten. 
De liturgische kalender van de beweging centreert zich niet op het nagaan en overwegen van het drama van Christus' menswording, bediening, dood en opstanding, culminerend in de Week voor Pasen, maar op het proces van indiening en goedkeuring van anti-IsraŽlische resoluties op confessionele nationale bijeenkomsten, waarbij de Joodse staat wordt aangehouden voor onderzoek en oordeel.

4. Ateek's dissertatie

Ateek formuleerde de ideeŽn die hebben geleid tot oprichting van Sabeel tijdens zijn Doctorale studie aan het San Francisco Theological Seminary in de vroege jaren 1980. In zijn proefschrift, ingediend in 1982, pleitte Ateek [26] voor de oprichting van een christelijk vredescentrum in IsraŽl dat Palestijnse christenen en hun aanhangers in staat zou stellen buiten de regio, in de Verenigde Staten in het bijzonder, hun verplichting te voldoen in de dienst van profetie en vrede.

Ateek schreef dat het profetische aspect van de bediening van de kerk is om "gebeurtenissen theologisch te analyseren en te interpreteren." De kerkelijke oproep om te profeteren is geworteld in de overtuiging dat "de actieve bevordering van de gerechtigheid" is "binnen het domein en de bevoegdheid van de kerk". [27] De rol van de kerk als vredestichter is geworteld in de erkenning dat "zij door God is geroepen tot een katalysator van vrede en verzoening". Zoals hieronder zal worden gezien, is de profetie van Ateek ontsierd door een neiging om evenementen te vertolken met een uitgesproken anti-Joodse theologie, die zijn vermogen om te fungeren als een katalysator voor vrede en verzoening ondergraaft.

Het doel van het centrum, schreef Ateek, zou zijn te "de 'dubbele plicht' te vertalen [van profetie en vrede] in de concrete organisatorische, operationele, en programmatische bediening van de kerk". [28] De "grote stuwkracht" van de bediening van het Centrum, beweerde hij, zou zijn om gerechtigheid te benadrukken, en een theologische contextualisering van de problematiek te bieden, de Verenigde Naties oproepen "als het beste forum" voor beslissende rechtvaardigheid en het oplossen van conflicten, "een forum bieden voor communicatie", "toezien op de ontwikkeling of verslechtering van evenementen", kampioen van de mensenrechten, en te protesteren tegen de wapenwedloop en "de afschuwelijke waanzin van nucleaire wapens". [29] 

Ateek verklaarde dat het centrum zijn werk moet beginnen onder de christenen in IsraŽl en vervolgens werken aan "het bereiken van moslims en Joden, religieuze en seculiere mensen, goed opgeleide en onopgeleide, jong en oud". Hij vervolgde:

De werkzaamheden van het centrum moeten worden opgenomen in het aanbidden van mensen .... Het centrum moet verder gaan dan de onmiddellijke omgeving van het conflict om in het buitenland christenen te bereiken, vooral het Westen. Deze 'outreach' moet gericht zijn op 'ont-stereotypering' van Westerse beelden van Oosterse mensen, 'ont-Zionizering' van de Bijbel, en ontmythologisering van de staat IsraŽl. De steun van westerse christenen is van onschatbare waarde in de strijd voor gerechtigheid en vrede. Zij kunnen de juiste druk uitoefenen op hun regeringen om onpartijdig te handelen in het bewaren van de vrede die moet worden gebaseerd op rechtvaardigheid. [30]

Hier ontvouwde Ateek zijn plan dat hij met grote energie volgde in de daaropvolgende jaren: het organiseren van de Palestijnse christenen in een interkerkelijke organisatie, het uitbrengen van een anti-zionistische boodschap, het inbedden in de religieuze praktijken van mensen (gebed en aanbidding), en dan deze boodschap uitzenden aan de christenen in het Westen met het doel van invloed te zijn op het overheidsbeleid - allemaal onder de noemer van vrede stichten.

5. Ateek's probleem met de Joodse soevereiniteit

In zijn proefschrift zet Ateek een aantal argumenten op rij die de legitimiteit van de Joodse soevereiniteit ondermijnen. De boodschap van Ateek's proefschrift en eerste boek is dat het Joodse volk niet het recht heeft op een eigen soevereine staat.

Veelzeggend is dat zijn kritiek op IsraŽl begint met een uitgebreid citaat van de historicus Arnold J. Toynbee, een bekend anti-Zionist. In de door Ateek geciteerde passage gaat Toynbee tekeer tegen de wijze waarop de moderne staat IsraŽl het beeld van IsraŽl verdrongen heeft als vertegenwoordiger van het volk van God, waarin het lidmaatschap "afhankelijk was van ons gehoorzamen van Gods geboden en Zijn geboden navolgen zoals deze door Hem waren gegeven door de mond van Zijn Profeten". Toynbee vervolgt:

Deze traditionele geestelijke betekenis van de naam "IsraŽl" is vandaag verdrongen door een politieke en militaire vervangende betekenis. Vandaag, als ik naar een kerk ga en probeer psalmen mee te zingen, ben ik kort geschokt, met een kras, als de naam "IsraŽl" op mijn lippen komt .... Het huidige politieke IsraŽl heeft het voor ons allemaal uitgewist, of op zijn minst overschaduwd, het geestelijke IsraŽl van de Joods-christelijke traditie. Dit is zeker een tragedie.... [ 31]

Deze passage komt uit een inleiding die Toynbee schreef voor een pamflet getiteld "Profetie, Zionisme en de staat IsraŽl", dat is gebaseerd op een toespraak van Rabbi Elmer Berger aan de Universiteit van Leiden in Nederland in de late jaren 1960 en gepubliceerd door de 'Amerikaanse Joodse Alternatieven voor het zionisme'. [32] Tijdens de jaren 1940 diende Berger als directeur van de 'Amerikaanse Raad voor het Jodendom' - een anti-zionistische organisatie die lobbyde voor het Witte Huis - het Anglo-Amerikaanse 'Comite van Onderzoek', en het 'Amerikaanse State Department tegen de oprichting van een Joodse staat' [33]. 
Ateek's citaat uit een boek, geschreven door een anti-zionistische Jood, om zijn eigen anti-IsraŽlische polemieken te versterken, voorspelt Sabeel's afhankelijkheid van anti-IsraŽlische commentaren van Amerikaanse en IsraŽlische Joden decennia later.

Ateek's afhankelijkheid van Toynbee is ook veelzeggend gezien de status van de historicus als een prominente anti-Zionist, die Zionisten met Nazi's vergeleek, en in een ander beroemd geval verklaarde: "Zionistische Joden zijn een fragment van een fossiel van buitenaardse oorsprong". [34] Nathan Rotenstreich heeft opgemerkt dat Toynbee's anti-zionisme wordt beschreven als een grotere kritiek van het nationalisme, maar duidelijk is gemotiveerd door een bepaalde vijandschap richting de Joodse staat. [35] Hetzelfde kan gezegd worden van Ateek's anti-zionisme.

6. Joodse soevereiniteit is een belediging voor het christelijk geloof

Na een beroep op Toynbee's klacht over de impact van de oprichting van IsraŽl met betrekking tot zijn religieuze praktijken, meldt Ateek dat hetzelfde in een grotere mate aan de Palestijnen is gebeurd, voor wie "de oprichting van de staat IsraŽl een seismische schok van enorme omvang is, die het fundament van hun geloof heeft geschud." [36] Voor Ateek en de Palestijnse christenen, waarvoor hij beweert te spreken, is de Joodse soevereiniteit zelf een bedreiging, omdat het Oude Testament dat de God die redt en bevrijdt beschrijft, in het licht van de oprichting van IsraŽl, nu gezien wordt als "omgekocht en discriminerend". Ateek werkt het uit:

Na de oprichting van de staat, en grotendeels te wijten aan een aantal Joodse en christelijke interpretaties, werd het Joodse (zionistische) karakter van het Oude Testament zo zichtbaar dat het in strijd kwam met de Palestijnse christenen. Daarom is het over het algemeen in onbruik geraakt door zowel geestelijken en leken, omdat de kerk niet in staat is in het reine te komen met de onduidelijkheden, vragen en paradoxen van het Oude Testament, en vooral met haar overeenkomsten met de twintigste eeuwse gebeurtenissen in Palestina. De fundamentele vraag van vele christenen, reeds verwoord of niet, is: hoe kan het Oude Testament het woord van God zijn in het licht van de ervaring van de Palestijnse christenen met zionisme? [37]

In antwoord op dit probleem roept Ateek christenen op een theologie te omarmen die het nationalisme uitdagen door het verkennen van de spanning tussen twee concepten van God - exclusief en universeel - zowel in de Hebreeuwse als christelijke geschriften. Onder Ateek's hermeneutiek zijn in het Oude Testament drie verschillende opvattingen over God aanwezig. Deze stromen, meldt Ateek zijn "nationalistisch, Tora-georiŽnteerd, en de profetische in hun accenten". [38]

De nationalistische traditie welke Ateek aanvalt is duidelijk zichtbaar in de boeken Jozua, Richteren 1 en 2, eerste en tweede Samuel, en de Eerste en Tweede Koningen. Ateek meldt dat de "voorstanders van deze traditie geloofden dat de Joden in een speciale bevoorrechte positie met God waren, en dat dit wereldbeeld het onmogelijk maakte voor Joden die in het Romeinse Rijk leefden "het realisme te aanvaarden van hun relatief kleine kracht ten opzichte van de groeiende macht van de dag, Rome." Opererend onder dit wereldbeeld, beweert Ateek dat de Zeloten "hun land naar de vernietiging leidden en zichzelf in de afgrond van de vergetelheid stortten na 135 nC." [39]

Ateek schrijft meer instemmend van de Tora-georiŽnteerde traditie, zoals die gemaakt is door de FarizeeŽn in de nasleep van de vernietiging van de Tempel in 135 nC;  het stond de Joodse samenleving toe bij elkaar te worden gehouden door religieuze overtuiging, meer dan door politieke macht." Deze stroom van Rabbijns Jodendom is vastgelegd in de Misjna en de Talmoed, die een volwassen begrip van God geven." Maar Ateek meldt dat hij nog steeds niet helemaal tevreden is, omdat het Rabbijnse Jodendom rechtsgeldig bleef, geÔsoleerd en naar binnen groeiend". [40]

De profetische traditie van het Jodendom, dat uitbundig lof verdient van Ateek, is gebaseerd op de laatste profeten van het Oude Testament, die een "dieper en meer volwassen begrip van God" bieden. Met een beroep op Jesaja, Jona, en Amos suggereert Ateek dat in deze stroom van het Jodendom: "God is niet langer bezorgd over ťťn volk, maar alle volken." [41]

Ateek bevestigt vervolgens een hoofdstroom in het christelijke geloof dat Jezus Christus een link naar deze profetische traditie vertegenwoordigt, die werd geÔntensiveerd in het Nieuwe Testament [42]. Hij erkent vervolgens dat de meeste Joden niet de geldigheid van de christelijke traditie zouden aanvaarden. [43] Hij gaat echter verder te beweren, dat "van een Palestijnse christelijke oogpunt... de opkomst van de zionistische beweging in de twintigste eeuw een achteruitgang van de Joodse gemeenschap is in de geschiedenis van zijn zeer verre verleden - de meest elementaire en primitieve concepten van God." [44] Hij vervolgt: "Zionisme is geslaagd in de wederopstanding van de nationalistische traditie. Zijn inspiratie is niet getrokken uit de diepe gedachten van de Hebreeuwse Geschriften, maar vloeit voort uit die delen die een smal en exclusief concept van een stammen-God verraden. "[45]

Ateek gaat door met zijn claim te herhalen dat de Joodse soevereiniteit strijdig is met de hogere beginselen van het Jodendom:

Vanuit mijn perspectief van een Palestijnse christen is zionisme een stap achteruit in de ontwikkeling van het Jodendom. Wat de Joodse gemeenschap dan eindelijk en ondubbelzinnig had afgewezen in de tweede eeuw na Christus met de ineenstorting van de Zeloten, hebben de meeste Joden achttien honderd jaar later alsnog aanvaard. Dit werd gedaan op kosten van, en zelfs met de vermenging van de hogere principes en eisen van de Joodse religie. Ethisch Jodendom met zijn universalistische visie is overspoeld door de heropleving van een raciaal exclusief concept van een volk en hun God. [46]

Ateek betreurt het feit dat sinds 1948 het Joodse volk niet langer de rol van de lijdende dienaar omarmt en niet langer bereid is om te dienen als getuigen van de waarde van het lijden, als een middel om de wereld te veranderen. Hij schrijft:

De Joden, wiens profetische traditie evenals hun lange geschiedenis van lijden hen bekwaamde om een vredestichtende rol te spelen, hebben een nieuw beeld verworven sinds de oprichting van de staat IsraŽl in 1948. Door de nationalistische traditie van het zionisme te steunen, hebben zij zichzelf gedegradeerd tot de rol van de onderdrukkers en oorlogmakers. Door dit te doen hebben ze vrijwillig de rol opgegeven van de knecht, welke zij eeuwenlang voor zichzelf geclaimd hadden. Dit is een revolutionaire verandering van het lang vastgehouden geloof dat Joden een roeping hebben om te lijden. Veel rabbijnen hadden geleerd dat de Joden lijden moeten accepteren in plaats van het te gebruiken als een middel om de wereld te veranderen. Een van de grote rabbijnse gezegdes was: "Wees van de vervolgden, eerder dan van de vervolgers". Sholem Asch riep: "God zij gedankt dat de volken niet mijn mensen de gelegenheid hebben gegeven de misdrijven te plegen tegen anderen, die zijn gepleegd tegen hen." Dit is drastisch veranderd door de oprichting van de staat IsraŽl [47].

Het intellectuele uitgangspunt voor Ateek's anti-zionisme is anders dan die van IsraŽls islamitische tegenstanders in het Midden-Oosten, maar zijn conclusie is vrijwel hetzelfde: de Joden zijn niet een volk dat recht heeft op een soevereine eigen staat, maar religieuze afvalligen die hun status als een onderworpen volk moeten accepteren. In Ateek's schrijven versmelt de christelijke vervangingstheologie met de islamitische vervangingstheologie in het Midden-Oosten om een verenigd front van minachting jegens de Joodse soevereiniteit te vormen.

Ateek's oppositie tegen een Joodse soevereiniteit is duidelijk in "The Jerusalem Sabeel Document: Principes voor een rechtvaardige vrede in Palestina-IsraŽl". In dit document stelt Sabeel dat haar visie voor de toekomst is: "een staat voor twee volken en drie religies." [48] In een dergelijke staat zouden Joden per definitie een minderheid, en een belegerde zijn. Ateek weet dit, maar zegt het niet zo expliciet.

In zijn proefschrift in 1982 bleek Ateek een diepgaande kennis te hebben van de problemen van religieuze en etnische minderheden in het Midden-Oosten, toen hij de strategieŽn beschreef die christenen hebben gebruikt om te overleven in de regio. Hij merkte op dat een van de grote problemen waarmee zij geconfronteerd worden hun minderheidsstatus is:

Ze hebben het overleefd zonder als gebruikelijk te genieten van alle rechten die de meerderheid om hen heen bezat .... Hun resulterende minderwaardigheidscomplex heeft hen vele malen gezet op het ontvangende en volgende deel in plaats van op het gevende en toonaangevende deel. Ze zijn voorzichtig geweest om niet overdreven te worden betrokken, opdat zij niet de haat zouden aanwakkeren bij hun buren en de heersers en onnodig lijden over zichzelf brengen [49].

Zo erkent Ateek indirect de onderdrukking van christelijke minderheden in het Midden-Oosten, die hebben geleden in de handen van de moslim-meerderheid - al eeuwenlang - zonder uitdrukkelijk te verklaren wie verantwoordelijk is voor het plegen van de onderdrukking.

Dit is veelzeggend. Als het de zionistische Joden zijn die zogenaamd verantwoordelijk zijn voor het lijden waarover hij klaagt, dan schrijft Ateek krachtig en noemt namen. Wanneer moslims verantwoordelijk zijn, blijven ze vrijwel onvermeld. Blijkbaar noopt de profetische oproep van Ateek hem om de waarheid te spreken tegen de Joodse macht - maar niet tegen de moslimmacht. Ateek heeft geen ander antwoord dan stilte bij de omstandigheden die christenen in het Midden-Oosten hebben genoodzaakt om bang te zijn hun buren en heersers tegen te werken. In dit wereldbeeld hebben Joden een roeping om te lijden, maar christenen houden zich begrijpelijkerwijs rustig om "onnodig lijden" te voorkomen door de handen van een niet nader genoemde moslimmeerderheid [50].

7. Gerechtigheid en alleen gerechtigheid

In 1989 publiceerde Orbis Press Ateek's proefschrift onder de titel 'Gerechtigheid en alleen gerechtigheid: Een Palestijnse Theologie van de Bevrijding' . De Joodse theoloog Marc Ellis, die redacteur was bij Orbis, "faciliteerde" de publicatie. [51] Orbis verpakte Ateek's tekst als een deel van de beweging van de bevrijdingstheologie, die werd opgericht in de jaren 1970 door de Peruaanse theoloog Gustav Gutierrez, die de Exodus-ervaring opriep als een paradigma om te beschrijven hoe God werkt in de geschiedenis om het lijden van de mensheid te beŽindigen.

Een van de meest opvallende aspecten van de bevrijdingstheologie is een "voorkeursoptie voor de armen", maar de meesten van haar aanhangers zijn voorzichtig om niet toe te staan dat deze zorg voor de armen of onderdrukten wordt gebruikt om de demonisering van de machthebbers te rechtvaardigen. Bijvoorbeeld, in haar tekst op de bevrijdingstheologie, [52]waarschuwt Rosemary Radford  Ruether dat de bevrijding "niet gescheiden kan worden van een gevoel van zelfoordeel en identificatie met de gemeenschap die wordt beoordeeld. Het kan niet alleen een beweging van verzet tegen en het oordeel van een 'buitenaardse community' zijn, waarvoor men geen verantwoordelijkheid neemt." [53] Het probleem met het projecteren van al het kwaad op de onderdrukkers zorgt ervoor dat mensen "hun capaciteit voor zelfkritiek verbeurd verklaren." Ze vervolgt: "Hun opstand, dan, indien succesvol, heeft de neiging om vooruit te rennen naar moord en zelfverheerlijking, en de instelling van een nieuwe regeling waar alle interne zelfkritiek is gesmoord" [54]

Hoewel dit een vrij goede beschrijving is van wat er is gebeurd met de Palestijnse zaak de afgelopen decennia, heeft Ateek deze realiteit niet erkend. Blijkbaar eindigt zijn visie op de bevrijding met Exodus en is de rest van de Pentateuch, die beschrijft hoe God begint de oude IsraŽlieten verantwoordelijk te houden niet inbegrepen - zelfs tijdens hun tijd in de woestijn. Dennis T. Olson belicht deze kwestie in zijn commentaar op Numeri: 

Vůůr SinaÔ was IsraŽl als een nieuw aangenomen kind dat nog niet wist van de regels van de huishouding. God, de goddelijke Ouder, voorzag in de legitieme behoeften van een IsraŽl dat net uit Egypte kwam. Maar na enige tijd bereiken we Numeri, het volk van IsraŽl kent hun verantwoordelijkheden in de wet en de geboden. IsraŽl moet zijn verantwoordelijkheid nemen en is verantwoording verschuldigd voor haar relatie met God. [55]

Nergens in 'Justice and Only Justice' koppelt Ateek enige verwachtingen aan het Palestijnse volk. In plaats daarvan richt hij zijn veroordelingen op IsraŽl en de Joden, terwijl hij valt in de val beschreven door Ruether.

Ondanks de problemen met deze tekst, hielp haar bekendmaking Ateek voort op het wereldtoneel. In 1990  organiseerden hij en zijn bondgenoten een conferentie van theologen en activisten uit het buitenland met de hulp van het 'Mennonite Central Committee'. Na deze conferentie die leidde tot de publicatie van 'Geloof en de Intifada' (bewerkt door Ateek, samen met Marc Ellis en Rosemary Radford Ruether) in 1991 [56], hielden Ateek en zijn volgelingen workshops die hebben geleid tot de officiŽle oprichting van Sabeel in 1994. De organisatie had een internationale conferentie in 1996 die leidde tot de oprichting van 'Vrienden van Sabeel'. Sabeel hield een andere internationale conferentie twee jaar later [57].

8. De intifada was uitlokking

Het duurde bijna twee decennia nadat hij zijn proefschrift indiende, maar met de publicatie van zijn boek en het organiseren van conferenties, was Ateek in staat om zijn doel te bereiken: de oprichting van een zogenaamd vredescentrum dat goed werd gepositioneerd om te beÔnvloeden hoe christenen in het Westen zouden reageren op de Tweede Intifada in 2000. Ateek reageerde niet op de uitbarsting van geweld met woorden van vrede, maar met polemieken die IsraŽl afschilderden op een manier die vergelijkbaar is met hoe christenen hadden gesproken over de Joden in het middeleeuwse Europa: een hinderpaal voor Gods bedoelingen voor de mensheid, en een bijzondere belemmering voor de vrede in de Midden-Oosten.

Symboliek van dit bericht was een preek die hij in de 'Kathedraal van Notre Dame' gaf in Jeruzalem op 22 februari 2001, een paar maanden na het begin van de intifada. In de preek, getiteld "De zionistische ideologie van overheersing versus het koninkrijk van God: de ultieme triomf van gerechtigheid en liefde" [58], berispte Ateek de Joodse religieuze leiders in de pre-Holocaust in Europa, die "passief de hachelijke situatie van hun mensen aanvaarden", blijkbaar vergetend dat hij een paar jaar eerder op het standpunt stond dat het Joodse volk een roeping had te lijden.

Opmerkelijk genoeg ging Ateek door met te stellen dat de zionistische leiders het bij het rechte eind hadden, want ze waren niet "apathisch bij de pijn en ellende van hun broeders". Maar het probleem met de zionisten, stelde hij, is dat ze Joodse zelfbeschikking nastreefden in plaats van te vertrouwen op het voorschot van de geschiedenis en de democratische overwinning in Europa om te voorzien in hun veiligheid: "Democratie was het juiste antwoord op het probleem, een echte democratie met gelijkheid voor allen. Ze hebben niet geanticipeerd op de dag dat Europa democratische overheidssystemen zou hebben die veel mensen zouden aantrekken naar zijn oevers, zoals we vandaag zien gebeuren. De zionisten konden dit niet voorzien. Ze besloten om af te zien van Europa." [59] (cursivering van mij).

In Ateek's versie van de geschiedenis is het zionisme een misrekening, een overreactie op een slecht deel van de geschiedenis, en niet een legitiem antwoord op honderden jaren van vervolging en de uiteindelijke vernietiging van het Joodse leven in Europa. De moord op de meeste van de Europese Joden tijdens de Holocaust is slechts een hobbel in de weg naar het onvermijdelijke proces van democratisering. Als de Europese Joden daar slechts een beetje langer hadden had rondgehangen, zouden de dingen er veel beter voor hen zijn geworden.

Ateek faalt erin rekening te houden met de aanhoudende vijandigheid jegens de Joden in Europa, zelfs na de holocaust. Joden die na de Tweede Wereldoorlog terugkeerden naar hun huizen in Polen, werden vermoord tijdens pogroms in een aantal steden in heel het land, in 1946. Zoals Richard Rubenstein opmerkt: "In 1946 vermoordden Polen op basis van een vals gerucht dat de Joden een christelijke jongen hadden ontvoerd en vermoord in een rituele moord, zeventig overlevenden van de Holocaust in Kielce" [60] Uiteindelijk "zagen de Joden niet af van Europa", zoals Ateek het uitdrukt; zij werden vermoord en verdreven, net zoals ze werden verdreven uit de moslimmeerderheid-landen in het Midden-Oosten na de oprichting van IsraŽl in 1948.

Twee dagen later gaf Ateek een andere preek [61] waarin hij over de bezetting zei: "Het is vergelijkbaar met de steen geplaatst op de ingang van Jezus' graf, welke Markus de evangelist beschrijft als 'zeer groot'.... Tenzij deze steen van de BEZETTING is verwijderd, zal er geen rechtvaardigheid en geen vrijheid zijn."

Net als de titel van de preek welke hij eerder gaf, schildert zulke taal IsraŽl als het enige obstakel voor vrede en de enige oorzaak van de Palestijnse lijden. Op geen enkel punt in deze preek duidt Ateek het Palestijnse geweld of de ideologieŽn die het motiveren, terwijl hij aangeeft dat het de IsraŽlische Joden zijn, en niemand anders, die een einde kunnen maken aan het conflict.

Ateek's paasboodschap van 2001 was nog smeriger. In een inmiddels beruchte passage, verklaarde hij: "Palestina is ťťn groot Golgotha geworden. Het kruisigingssysteem van de IsraŽlische regering functioneert dagelijks. Palestina is uitgegroeid tot de Schedelplaats." [62]

Amy-Jill Levine noemt deze en andere passages een "gerecycled anti-judaÔsme dat IsraŽl toont als een land van Christusmoordenaars." [63]

9. Groeten voor zijn broeders

Ook verontrustend zijn twee brieven die Ateek schreef, een in het Engels en de andere in het Arabisch, [64] kort nadat de Tweede Intifada begon. Ateek wakkerde vijandelijkheden aan door het uitsluitend plaatsen van de schuld voor de uitbarsting van geweld bij het bezoek van Ariel Sharon aan de Tempelberg - hoewel Palestijnse leiders voor Sharons bezoek al maanden aan de voorbereiding van de opstand werkten. In het Arabisch schreef hij: "Wij groeten onze Palestijnse moslimbroeders voor hun verdediging van hun heiligste plaats". In het Engels beweerde hij dat "het goed was voor onze Palestijnse moslimbroeders en -zusters op te staan ter verdediging van hun heiligste plaats al-Haram al-Sharif [de Arabische naam voor de Tempelberg], toen zij werd bedreigd en ontheiligd."

Zoals elders gedocumenteerd zijn beweringen dat de Joden islamitische heilige plaatsen op de Tempelberg ontheiligen of ondermijnen, gebruikt om tot geweld tegen de Joden aan te sporen, op verschillende plaatsen gedurende het honderd jaar durende Arabisch-IsraŽlische conflict. Beschuldigingen dat Joden plannen hadden voor de Tempelberg werden aangewakkerd door de Palestijnse leider Haj Amin al-Husseini, en speelden een rol in de rellen van 1929 [65]. Vergelijkbare beschuldigingen werden gehoord tijdens demonstraties gehouden door de IsraŽlische Arabieren gedurende meerdere jaren vůůr de Tweede Intifada [66].

In het licht van deze geschiedenis is Ateek's beschrijving van al-Haram al-Sharif als "bedreigd en ontheiligd" onvergeeflijk. Dergelijke taal roept spanningen op, en verhoogt de kans op geweld, en moedigt de Palestijnen aan te denken dat ze een religieuze bevestiging hebben - en dat zeker van een christelijke leider - om verder te gaan vechten tegen IsraŽl. Dit komt van een man die in 1982 klaagde over het ontbreken van "instrumenten voor de vrede" in het Arabisch-IsraŽlische conflict [67].


10. Zelfmoordterroristen

Uiteindelijk dwong het geweld van de Tweede Intifada Ateek om het Palestijnse terrorisme aan de orde te stellen. In 2002 is hij auteur van een opstel over zelfmoordaanslagen, dat de aanslagen veroordeelde als een "misdaad tegen God". Maar hij ging door, hoe dan ook, met bomaanslagen neer te zetten als een begrijpelijke reactie op het IsraŽlische gebruik van geweld in de betwiste gebieden. Ook als het ging om aanslagen van Hamas en de Islamitische Jihad die openlijk streven naar de vernietiging van IsraŽl en zich beroepen op de Koran om hun agenda te rechtvaardigen.

In een verontrustende passage trok Ateek een valse gelijkwaardigheid tussen zelfmoordaanslagen en de IsraŽlische inspanningen om deze aanvallen te stoppen: "Als het IsraŽlische leger hele steden voor lange tijd afsluit of dat een zelfmoordterrorist zichzelf opblaast op een markt waar willekeurige moorden uit voortvloeien, beide zijn collectieve bestraffing gericht op voornamelijk onschuldige mensen." [68] 
Hoewel de IsraŽlische veiligheidsmaatregelen tijdens de Tweede Intifada ontegenzeggelijk zware gevolgen had voor de Palestijnen, is het door Ateek gelijkstellen van sluitingen en de moorden op IsraŽlische burgers in busstations, pizzeria's, bioscopen en hotels, gewoon weerzinwekkend.

Ateek's onvermogen om het probleem van de zelfmoordaanslagen op een verantwoorde manier aan te pakken maakt deel uit van een groter probleem - zijn falen om de negatieve gevolgen van de islamitische leringen over het Joodse volk en het land aan te pakken. Hoewel het waar is dat moslims, in tegenstelling tot christenen, niet een genocide tegen het Joodse volk begaan hebben, toont de Islam, net zoals het christendom, een vervangingstheologie als een impuls in de richting van de Joden en het Jodendom. Met andere woorden, beide religies hebben de neiging te beweren dat ze de plaats ingenomen hebben van het Jodendom of het vervangen hebben. En als gevolg daarvan heeft het Joodse volk niet langer enige reden om te bestaan, en nog veel minder hebben ze het recht op uitoefening van zelfbeschikking. Inspanningen om deze impuls te beperken is een van de grote taken van de christelijke theologen sinds de Holocaust. Moslimtheologen hebben in het algemeen deze kwesties niet met dezelfde kracht aan de orde gesteld. [69]

Noch Ateek, noch andere Sabeel-commentators hebben deze cruciale kwestie op een omvattende manier aan de orde gesteld. Sabeel publiceerde een opstel over de duizendjarige impuls in de vroege islam in een collectie om het christelijke zionisme te veroordelen; [70] maar dit opstel gaat niet op een van de hedendaagse vraagstukken in die relevant zijn in het Arabisch-IsraŽlisch conflict.

Er is een zekere genialiteit in de manier waarop Sabeel het JudaÔsme, het Jodendom, het zionisme, en christelijke zionisme ondervraagt, terwijl zij zwijgt over islamitische theologische kwesties die relevant zijn voor het Arabisch-IsraŽlisch conflict. Deze strategie zet critici van Sabeel aan om deze kwesties op te rakelen, en herhaaldelijk dringend te vragen: "Hoe zit het met de islam? Hoe zit het met het moslim-anti-semitisme?"

Na een paar keer herhalen van deze cyclus, waarbij Sabeel intens ondervraagd wordt over alle dingen waar Joodse vragen over de islam legitiem zijn, dreigen de mensen die de kwestie van de islamitische leringen over de Joden en het land aankaarten, te worden beschuldigd van islamofobie. Er is echter een simpele reactie. Net als Sabeel en anderen terecht beweren dat niet elke kritiek op IsraŽl anti-semitische is, is ook niet elke inspanning om kwesties in verband met de moslimtheologie en de islamitische praktijken islamofobie.

11. Joodse supporters

Ondanks Sabeel's vertrouwen op anti-Joodse retoriek en haar weigering om moslimvijandigheid jegens Joden te benoemen, hebben de organisatie en de oprichter geen gebrek aan Joodse ondersteuning. De grote ironie van Sabeel, wat de banieren op zijn evenementen zelf vertonen, "de stem van Palestijnse christenen", is dat veel van de zwaarste retoriek op deze evenementen komt van Joden, zoals Jeff Halper, oprichter van het 'IsraŽlische Comite tegen het Huis van Vernieling'. Op een Sabeel-conferentie in Boston in 2007, verklaarde Halper dat IsraŽlische functionarissen de IsraŽlische publieke opinie aan het voorbereiden waren op een "definitieve oplossing" tegen de Palestijnen. [71] En op een Sabeelconferentie in Seattle in het begin van 2010, beschuldigde Halper IsraŽl van het graven onder de Silwan wijk in Jeruzalem om een geologische instabiliteit onder de Al-Aqsa moskee en de Koepel van de Rots te creŽren, zodat wanneer er een aardbeving komt, de structuur zal instorten. [72]

Marc Ellis is ook een regelmatige deelnemer aan Sabeel-conferenties, waar hij het IsraŽlische beleid vergeleek met dat van het nazi-regime voor christelijke doelgroepen. [73] Hij heeft ook zijn mede-Joden bespot. Tijdens zijn Powerpoint presentatie op de Sabeel-conferentie in Denver in 2005, toonde Ellis beelden van een boek uit 1989 van Jerome Segal, [74] een Joodse filosoof die de oprichting van een Palestijnse staat steunt.

Ellis liet een afbeelding uit het boek zien met de beeltenis van de munten die gebruikt kunnen worden door de burgers van de voorgestelde staat. Het vertoont een komisch gevoel voor timing, Ellis heeft Segal's zorg over Palestijnse munten opgemerkt en zei: "Het is een zeer interessant Joods ding", wat gelach ontlokte van het grotendeels christelijke publiek. Eerder in zijn toespraak vertelde hij het publiek: "Je kunt niet Joods zijn zonder een therapeut, en ik heb drie of vier."

In de afgelopen jaren is de Amerikaanse Jood Mark Braverman een prominent spreker geweest op conferenties van Sabeel. Braverman lijkt zich Ateek's kritiek op het Jodendom te hebben eigen gemaakt. 'Stand With Us'-onderzoeker Roberta Seid beschrijft zijn presentatie op een Sabeel-conferentie in Seattle in 2010:

Braverman, een klinisch psycholoog met een lange Joodse en zionistische stamboom, beweerde dat Ds. Ateek hem heeft "gered" toen hij in een geestelijke crisis zat. Braverman kondigde aan dat de grote fouten van de Joden dateren uit de eerste eeuw. Zij hadden Jezus moeten volgen, en zijn boodschap van universele liefde, in plaats van te strijden tegen het Romeinse Rijk. Hij liet zijn christelijke publiek weten dat de fout van de Joden hetzelfde blijft. Zij geloven in hun "uitverkiezing" en "uitzonderlijkheid", en dat dit is waarom ze terecht gehaat zijn, en waarom IsraŽl weigert vrede te sluiten [75].

De algemene boodschap van de Joodse supporters van Sabeel is dat de Arabische en islamitische vijandigheid volledig geworteld is in de IsraŽlische politiek, moslim-antisemitisme doet er niet toe, en de IsraŽlische Joden zijn te zeer beschadigd door de Holocaust of te toegewijd aan letterlijke interpretaties van de Schrift om vrede te sluiten met de Palestijnen. In het verhaal verteld door deze en andere commentatoren, is het de Joodse volharding in dat IsraŽl een Joodse staat is, wat het obstakel voor de vrede is. Dit bericht sluit nauw samen met de anti-zionisme dat Ateek formuleerde in zijn proefschrift van 1982.

12. Win de Jackpot

Het resultaat
van het activisme van Sabeel tijdens de Tweede Intifada kwam in 2004 en 2005 toen de echo's van Ateek's anti-zionisme werden gehoord in de resoluties die werden aangenomen door de nationale vergaderingen van de Amerikaanse grote protestantse kerken. In 2004 nam de Algemene Vergadering van de Presbyteriaanse Kerk (USA) een desinvestering-voorstel aan, dat stelde dat de bezetting was "bewezen tot de wortel van kwade daden te behoren, gepleegd tegen beide zijden van het conflict." [76]

De taal was niet expliciet middeleeuws, maar het verhaal was het wel. De halsstarrigheid van de Joodse staat was de enige bron en de oorzaak van geweld, net zoals de Joden werden beschouwd als het enige oorzaak van het lijden in het middeleeuwse Europa. [77] Met het aannemen van dit voorstel verspreidde de Algemene Vergadering van de PC een mythologisch - in tegenstelling tot empirisch - overzicht van de geschiedenis dat de Joodse staat in het middelpunt van het Midden-Oosten-gebeurtenissen plaatste. Indien de Algemene Vergadering naar de feiten had behandeld en niet in een mythe, dan zou zij hebben erkend dat geweld tegen IsraŽl er reeds lang was, voordat IsraŽl bezit nam van de Westelijke Jordaanoever en de Gazastrook tijdens de Zesdaagse Oorlog in 1967. [78]

Sabeel-activisme speelde een cruciale rol in de aanvaarding van een "economisch hefboomeffect"-resolutie die is aangenomen door de 'Verenigde Kerk van Christus' (UCC) op de in 2005 gehouden Generale Synode in Atlanta. Deze resolutie, welke nauw het schema volgde van aandeelhoudersactivisme en desinvesteringen, geschetste in een verklaring van Sabeel in het begin van 2005, [79] werd gedeeltelijk aangenomen als gevolg van de bekwame politisering van de Sabeel-activist advocaat Jonathan Kuttab, die op de vergadering was toegelaten als "een stem zonder stem".

Toen het comite dat zich bezighoudt met vraagstukken met betrekking tot IsraŽl en de desinvestering een resolutie voorstelde die niet de desinvestering bevatte van de hele synode, benaderde Kuttab de microfoon, en vroeg dat zij zou worden weggestemd, omdat het niet een voldoende sterke verklaring zou zijn namens de Palestijnse christenen. Nadat Kuttab zijn emotionele beroep deed, werd een ingevoegde motie aangeboden, geschreven met de zegen van UCC-president en algemeen dienaar Ds. John Thomas, overweldigend gesteund en goedgekeurd. Kuttab's pleidooi heeft het niet gehaald in de notulen van de Algemene Vergadering, maar het genereerde de emotionele energie, zodat anti-IsraŽlische activisten op de synode in staat werden gesteld om IsraŽl te treffen met de dreiging van desinvestering.

Ook die zomer werden door de wetgevende organen van de UCC en 'De Discipelen van Christus' resoluties aangenomen die IsraŽl oproepen om het veiligheidshek dat het had gebouwd om terroristische aanslagen van de Westelijke Jordaanoever te stoppen, te verwijderen - zonder de Palestijnen te vragen de terreuraanvallen te stoppen. De redenen voor deze resoluties leunden zwaar op het eerder beschreven Sabeel-boekje uit 2005: "Hedendaagse Weg van het Kruis."

De manier waarop 'De Discipelen van Christus' de Algemene Vergadering haar anti-barrier-resolutie aannam, toonde aan hoeveel invloed en voorrecht Sabeel genoot in sommige Amerikaanse grote kerken. Sabeel-activist Rula Shubeita, die direct tot de vergadering mocht spreken, lobbyde in het voordeel van de resolutie, en vertelde de vergadering: "Omwille van de muur, kan ik mijn broer niet zien, die op drie mijl afstand woont aan de andere kant van het hek. Ik moet nu 14 mijl rijden om hem te zien. De muur heeft mij belet naar mijn kerk te gaan, en heeft invloed op de werkgelegenheid van zoveel mensen." [80]

De Algemene Vergadering heeft echter niet Tzippy Cohen, een overlevende van een zelfmoordaanslag in Jeruzalem in september 2003, toegelaten om het publiek toe te spreken, ondanks het feit dat zij de verzekering gekregen had dat zij in staat zou zijn om dit voor drie minuten te doen. [81] Als ze had mogen spreken, zou ze het publiek hebben verteld dat zij bewusteloos werd geslagen door de explosie en door granaatscherven in haar rug werd getroffen en voor de rest van haar leven heeft te lijden van de gevolgen van de aanval. [82 ]

Ter ondersteuning van het niveau van Sabeel in de VS begin 2007 heeft 'Vrienden van Sabeel in Noord-Amerika' een lijst vrijgegeven van haar 2006-donoren, [83] een paar honderd contribuanten. Deze lijst liet zien dat de organisatie bijdragen had ontvangen van een aantal prominente Amerikaanse kerken en instellingen, evenals 'Christian Century' columnist James M. Wall (die ook diende bij de Fosna-stuurcommissie) en Margot Patterson, toen een journalist voor 'National Catholic Reporter'. Andere herkenbare contribuanten, waaronder bijdragen van een aantal prominente episcopaalse geestelijken, zoals Brian Grieves, toenmalig directeur van de Episcopaalse Kerk van de 'Peace and Justitie Ministries', en Edmond Browning, voormalig voorzitter-bisschop van de Episcopaalse Kerk.

Sabeel's invloed als een speler in de Episcopale Kerk wordt verder bevestigd wanneer Ateek een vredes-award ontvangt van de 'Episcopal Peace Fellowship' op General Conventie van die kerk in 2006.

13. De morgen erna

Ironisch, de Sabeeloverwinningen van 2005 en de publiciteit die het genoot vestigden daarna de aandacht op enkele van de meer onsmakelijke aspecten van haar retoriek en agenda. Mensen vonden het niet leuk wat ze zagen.

Bijgevolg begon na deze overwinningen Sabeel's vermogen om het aannemen van de anti-IsraŽlische resoluties op grote vergaderingen  te beÔnvloeden of te orkestreren snel te dalen. Wat in 2005 het begin van Sabeel's snelle opmars  door de de grote kerkenbleek te worden, werd een steeds harder ploeteren. De wielen begonnen van de bus te vallen tijdens de conferentie van Sabeel in Toronto in oktober 2005, toen prominente Amerikaanse christenen deelnamen aan een persconferentie georganiseerd door B'nai Brith Canada.

Deze christenen, onder wie Bruce Chilton, een prominente auteur, en de Episcopaals priester Sis, en Ruth Lautt, een dominicaanse non en oprichter van 'Christenen voor Fair Witness over het Midden-Oosten', en William Harter, Presbyteriaans predikant en lange tijd lid van de 'National Christian Leadership Conference voor IsraŽl', boden een aanhoudende kritiek op de retoriek van Sabeel en van Ateek. Hun woorden resoneerde niet alleen in de Canadese Joodse kranten, maar ook in de rapportage van de Associated Press. [84]

Associated Press, nota genomen hebbend van de bezorgdheid over Ateek's gebruik van de beelden van de kruisiging in relatie tot IsraŽl, noemde een citaat uit Ateek's preek van Pasen 2001 om vertrouwen te geven aan deze bezorgdheid. Volgens het artikel beweerde Ateek dat zijn verklaringen uit hun verband waren gerukt en dat Sabeel niet een desinvestering van IsraŽl zelf steunde, maar alleen van bedrijven die zaken doen in de bezette gebieden. [85]

Zo'n verslag had een echte impact. Volgens Roberta Seid die de conferentie bijwoonde, voelden de aanwezigen zich "belegerd en kwetsbaar." In de dagen na de conferentie schreef Seid: "Zij geloven dat de pers vijandig is en hun momentum ondermijnt." [86]

In aanvulling op de slechte pers worstelden de aanwezigen op de Sabeelconferentie met twee andere problemen: terrorisme en antisemitisme. Ondanks hun aangegeven verklaring tegen het terrorisme, reageerden ze op een zelfmoordaanslag in de IsraŽlische stad Hadera op de openingsdag van de conferentie, en op Mahmoud Ahmadinejad's aankondiging dat IsraŽl van de kaart moet worden geveegd, "met een soort van verlegenheid die ouders laten zien wanneer hun kind zich weer heeft misdragen," meldde Seid, eraan toevoegend: "Er was geen morele verontwaardiging." [87]

De activisten op de conferentie begrepen ook dat de beschuldiging van antisemitisme, ondanks pogingen om Joden en Jodendom te onderscheiden van het zionisme, nog steeds "dreigde al hun inspanningen te bevlekken en te veroordelen en in diskrediet te brengen". Seid meldt dat "een van de deelnemers in een workshop nauwkeurig naging hoe de bewering te weerleggen: 'We joegen de Joden vrijwel van de aarde, en ze hebben het recht op een plaats ergens, een staat in IsraŽl?'" [88]

Deze bezorgdheid werd niet vertaald in zelfbeheersing door sprekers op de conferentie. Tijdens zijn kerntoespraak in de 'Bloor Street Church' in Toronto, riep Ateek op tot een derde (geweldloze) intifada en verklaarde dat "binnen 20 jaar zullen de Joden het zionisme een verschrikkelijke vloek vinden. Binnen 50 jaar zal het zionisme verdwenen zijn, maar het Jodendom zal te blijven." Farid Esack, een moslimgeleerde uit Zuid-Afrika, stelde: "Wij zien de vernietiging van een grote religie [Jodendom]" en dat als het vasthouden van een Joodse identiteit niet kan worden bereikt zonder groot onrecht aan de Palestijnen, "laten we het dan afsluiten."[89]

Sabeel verwerkte nog een klap een paar maanden later, tijdens de Algemene Conventie van de Episcopale Kerk in 2006. Het besluit van de Bisschoppelijke Peace Fellowship om Ateek de vredesprijs te geven, gaf 'Christenen voor Fair Witness over het Midden-Oosten' (geleid door Lautt en Chilton) een gelegenheid om de aandacht te vestigen op de retoriek van Ateek tijdens de Tweede Intifada en de support van die groep aan een een-staat-oplossing. De controverse dwong ds. Richard Toll, voorzitter van 'Vrienden van Sabeel Noord-Amerika', indirect te erkennen dat de retoriek van Ateek ongepast was geweest. De 'Columbus Dispatch' parafraseerde Toll: dat Ateek had "afgezwakt zijn retoriek sinds het kruisigings-statement." [90]

De controverse stimuleerde Brian Grieves om Ateek's critici te beschuldigen van betrokkenheid bij "laster- en demoniseringstactiek." [91] Het was tevergeefs. Sabeel en haar aanhangers in de Episcopaalse Kerk waren niet in staat om serieuze wettige overwinningen bij de Algemene Vergadering van de kerk te verwezenlijken.

14. De Discipels bij nader inzien

Een ander teken, dat de mensen begonnen te twijfelen aan Sabeel's verhaal over het Arabisch-IsraŽlische conflict, kwam in het septembernummer van 'Disciples World' in 2006, een inmiddels ter ziele gegaan tijdschrift, eerder gepubliceerd door 'De Discipelen van Christus'. Het artikel, geschreven door Sherri Wood Emmons, gaf Tzippy Cohen - het slachtoffer van een zelfmoordaanslag, die in 2005 niet de synode mocht toespreken - een kans om haar verhaal te vertellen.

Wanneer hij wordt uitgedaagd met het Sabeel verhaal over de veiligheidsbarriŤre - dat het "snijdt door buurten, familieleden scheidt, en mensen blokkeert van scholen, ziekenhuizen, werkgelegenheid" - luistert Cohen Shubeita's getuigenis terug van de 2005 synode: "Ik herinner me iemand die de 'Discipelen Vergadering' mocht toespreken, om hen te vertellen dat zij als gevolg van de veiligheidsmuur nu 14 mijl heeft te rijden in plaats van drie om haar broer te zien. Weet zij wel hoeveel IsraŽliŽrs 14.000 mijl zouden willen rijden om hun dode broers nog een keer zien?" [92]

De Algemene Vergadering van de Discipelen van Christus heeft geen verdere resoluties over het Arabisch-IsraŽlische conflict meer aangenomen, ondanks het feit dat tweemaal bijeengekomen werd sinds 2005. Hoewel het onmogelijk is om te weten of dit werd ingegeven door spijt over de 2005-resolutie, spijt is duidelijk een factor in 2007, toen de Generale Synode van de UCC daadwerkelijk een resolutie goedkeurde die erkende zich: ..."nog niet volledig te richten op andere factoren die bijdragen aan het voortdurende geweld, onderdrukking en lijden in de regio. "[93]


15. Desmund Tutu brengt redding

Sabeel's geluk leek te verbeteren tijdens de val van 2007, toen de historische oude Zuiderkerk van de UCC instemde om bij een van zijn conferenties in zijn gebouw in het centrum van Boston  gastheer te zijn, ondanks het verzet van de lokale Joodse gemeenschap.

De conferentie, waarin een optreden van aartsbisschop Desmond Tutu was opgenomen, leek aanvankelijk een groot succes voor Sabeel, dat met bijzonder harde anti-IsraŽlische polemiek in staat was om een publiek te bereiken van enkele honderden. Bijvoorbeeld, Farid Esack maakte een hatelijke vergelijking, waarbij hij stelde dat Afrikaners op zijn minst trots zijn op hoe goed ze zwarte Afrikanen behandelden en nooit probeerden om nieuwe mensen te werven van hun culturele identiteit in een poging om zwarten van hun land te verdrijven. "Er was niet een doorgaande verandering van de demografie van wat blank Zuid-Afrika was," zei hij. De aanwezigen hoorden ook Tutu de IsraŽlische en Amerikaanse Joden oproepen om te hechten aan de hogere roepingen van hun geloof, zonder een woord van vermaning te besteden aan IsraŽls tegenstanders. [94]

Voor 'Oud-Zuid' echter resulteerde de beslissing om de conferentie voort te helpen tegenover de kritiek van de lokale Joodse gemeenschap in een Pyrrusoverwinning. Voorafgaand aan de conferentie probeerde Oud-Zuid's dominee, Rev Dr Nancy Taylor, de Joodse woede uit te beelden over het Sabeel-evenement als een fenomeen van de boze harde rechter flank van de gemeenschap. [95] Deze strategie mislukte toen de Reform rabbijn Ronne Friedman van Temple Israel in Boston de pastoor een brief stuurde met de vraag: "Hoe moeten mijn collega's en ik, mijn gemeente en mijn gemeenschap reageren op de retorische beelden van de oprichter van Sabeel dat de oude Nieuwe Testamentische beschuldiging van Godsmoord en de bedekking in de hedendaagse politiek herleeft?" [96]

Taylor reageerde zelf met een brief die twee verklaringen opriep die in de jaren 1980 door de UCC, de groep waar Oud-Zuid behoorde, waren aangevraagd. Na het aanhalen van deze verklaringen, die het vervangingsmodel en anti-semitisme veroordeelde, verklaarde Taylor dat zij geen apologeet voor Sabeel was, dat, gaf ze toe, problematische taal gebruikt had. Sabeel, schreef ze, vertegenwoordigde desondanks een belangrijke Palestijnse stem. "Dit is een wanhopige minderheid van mensen die eropuit is hun standpunten te delen, informatie uit te wisselen, en proberen het oor van het publiek te winnen als ze een stem geven aan een zeer oude klacht." [97]

Ondanks inspanningen om Sabeel's agenda te verbloemen, is sinds 2005 de invloed van de organisatie en de zichtbaarheid afgenomen. Een vluchtig onderzoek van kerkelijke websites geeft aan dat zij niet meer zo vaak geprofileerd of vermeld wordt als in 2005... 
De Episcopaalse Kerk, een van de belangrijkste steunpilaren van Sabeel, heeft een anti-zionistische agenda niet omhelsd tijdens de Algemene Vergadering in 2009. En terwijl Sabeel-activisten aanwezig waren bij de recente Algemene Vergadering van de Presbyterian Church (USA) in Minneapolis, was zij niet een belangrijke speler. Het 'IsraŽl-Palestina Missie Netwerk' van de PC (USA) en Rev Mitri Raheb, een Lutherse dominee uit Bethlehem speelde een meer opmerkelijke rol in het opdringen van de anti-zionistische agenda op deze vergadering dan Sabeel, wiens activisme was beperkt tot het delen van een presentatie-stand in de beurshal met het 'IsraŽlische Comite tegen sloop van woningen'.

Kortom, Sabeel heeft het steeds moeilijker bij het aantrekken van een nieuwe groep van bondgenoten in de kerkelijke hoofdkwartieren nu enkele van hun meest luidruchtige supporters, zoals Grieves en Thomas, niet langer op invloedrijke posities zitten.
Grieves stopte in 2009, [98] en Thomas' ambtstermijn als president en algemeen dienaar van de UCC eindigde ook dat jaar. [99]

Dit betekent niet dat de organisatie zijn invloed helemaal heeft verloren. Sabeel-activisten waren betrokken bij het aannemen van een resolutie door de Methodistische Kerk van Groot-BrittanniŽ, die christenen oproept tot een boycot van producten van nederzettingen op de Westoever. [100] En op het eind van januari 2010, sprak Brian McLaren, een prominente evangelische predikant in de Verenigde Staten, zijn steun uit voor Sabeel en haar oprichter Ateek, "wiens werk en geschriften ik lang heb bewonderd van een afstand." [101]

McLaren's lof voor Sabeel is een van de vele indicatoren dat het anti-zionisme binnenkomt in evangelische kringen, met name onder jeugdbewegingen. 'Met God aan onze kant', een documentaire film van Rooftop Productions in 2010, is een eenzijdige aanval op het IsraŽlische beleid die zich voordoet als een discussie van het christelijke zionisme. Deze film, die sterk afhankelijk is van getuigenissen van Evangelicals als Gary Burge en Stephen Sizer, is een andere aanwijzing dat de inspanningen om het anti-zionisme te bevorderen in de evangelische gemeenschap zich verder hebben verspreid dan de pagina's van het tijdschrift Sojourners.

16. Verspreiden als een virus met een nieuw vervangingsmodel

Sabeel's blijvende invloed kan worden gezien, hoe dan ook, in het gedrag van zijn volgelingen die haar anti-zionisme omarmd hebben als de grote beweegreden in hun leven. Zulke toewijding was duidelijk in het werk van de Sabeel-activisten in Washington, DC, die eind juli 2010 een boycot georganiseerd hadden van de IsraŽlische Ahava producten die te koop zijn bij een Maryland beauty-winkel. Deze inspanning is echter mislukt omdat de supporters van IsraŽl reageerden met een "buycott", een overdadige aankoop van Ahava-goederen uit de winkel. [102]

Niettemin, op propagandistisch niveau bereikt Sabeel's boycot haar doel door het mogelijk te maken dat activisten haar programma aan voorbijgangers doorgeeft. Het gaf hen ook een kans om in een soort straattheater de confrontaties te ervaren van de vroeg-christelijke kerk na de hemelvaart van Christus, zoals beschreven in de eerste hoofdstukken van de Handelingen van de Apostelen.

Door middel van dergelijk activisme zien Sabeel-activisten zichzelf als confronterende krachtige en gevestigde theologische tegenstanders, zoals christen-zionisten, de "IsraŽl-lobby", en de hoofdstroom van de Amerikaanse Joodse groepen. Net als soortgelijke confrontaties tussen de christelijke apostelen en hun tegenstanders resulteerden in de bekering van vele Joden tot het christendom (Handelingen 3:37), dienen zulke confrontaties met deze groepen om mensen te bekeren tot het duizendjarig en Messiaanse oorzaak van het christelijke (en seculiere) anti-zionisme.

Meer: "WAT IS SABEEL?":

 - Eind 2008 (in april 2009 bewerkt door Brabosh) schreef Wim Kortenoeven een scherpe analyse over de radicaal anti-IsraŽlische beweging Sabeel van de Palestijnse 'bevrijdingstheoloog'  Naim Ateek: 'Christenen tegen Israel'...

 - Een samenvatting hieruit:
Sabeel legitimeert terroristische organisaties. Sabeel heeft een radicaal anti-IsraŽlische agenda. Sabeel beweert zich in te zetten voor vrede op basis van een tweestatenoplossing. Dat is wat veel argeloze christenen dan ook geloven. Maar Ateek verklaarde op een conventie in de VS dat IsraŽl niet zou moeten worden toegestaan een Joodse staat te blijven. In zijn boek 'Justice and Only Justice' schreef hij al dat IsraŽl wat hem betreft geen bestaansrecht heeft. Ateek's antisemitisme blijkt uit zijn rauwe en verdraaide vergelijkingen van Israel met Herodes de kindermoordenaar, Israel dat dagelijks Palestijnen zou kruisigen, Israel zou de steen zijn die het graf afsluit, en Palestina is Golgotha geworden. In een kerkdienst in de VS werden stenen uitgedeeld, in plaats van brood.
Lees verder...

 - Meer uit de preek van Ateek lezen? Klik hier... 

 - Meer lezen over Sabeel? 
   hun vrienden,
   hun vervangingstheologie.
   hun bevrijdingstheologie, 
   Lees het op: www.vergadering.nu/sabeel 
 

Met dergelijke initiatieven moedigt Sabeel haar volgelingen aan om het anti-zionisme te omarmen als een manier van leven. Dit lijkt misschien overdreven, maar in een recente YouTube-video beschrijft Sabeel zichzelf als een "21e eeuwse spirituele beweging, evoluerend naar het uitroepen van onze religieuze tradities met moderne ethiek". 

De video prijst de deugden van het omarmen van Sabeel als een manier van leven in een taal die de brieven van Paulus in het Nieuwe Testament echood. Sabeelleden worden afgeschilderd als zijnde op het snijvlak van een nieuwe spirituele beweging die persoonlijke en globale transformatie brengt:

Verbonden aan vrede door rechtvaardigheid weten Sabeelmensen dat verandering mogelijk is door middel van hartstochtelijke, maar niet-gewelddadige pogingen, gebaseerd op mededogen. Hun acties zijn een voorbeeld van de meest vervullende betrokkenheid die men kan ervaren in het leven. De Sabeel manier, zoals met elke diepe roeping of beroep, laat hen die de waarde van vrede door gerechtigheid kennen om ten volle te leven door de bevrediging van hun eigen inzet en compassie. Deze twee emoties nemen het leven mee naar een nieuw niveau van geluk, tillen elk op van de eentonigheid van het alledaagse leven. Het resultaat is levensveranderend en de wereldveranderend. [103]

De geestelijke goederen die Sabeel beweert te bieden aan zijn volgelingen zijn precies van het soort dat de Amerikaanse grote kerken niet kunnen geven vanwege hun achteruitgang. Om het nog erger te maken, laten video's gepost door Sabeel op haar YouTube-kanaal, met name Don Wagner's beschrijving zien van het Sabra en Shatilla bloedbad in 1982, [104] om een beeld op te roepen van de Joden en hun thuisland als eenduidig bekrompen en gewelddadig. 

Het schijnbare doel is om aandacht vestigen op de verhevenheid en de superioriteit van het universele bericht van Sabeel dat de Joodse identiteit en nationalisme moet vervangen. Door het volgen van het model dat Ateek had vastgelegd in zijn proefschrift van 1982, acteren Sabeel en haar Westerse supporters een drama dat verontrustende overeenkomsten heeft met het kerk-synagoge-conflict dat opkwam bij de oprichting van het christendom tweeduizend jaar geleden.

17. Conclusie

De gevolgen van het activisme van Sabeel kunnen worden gezien in de reactie op het bloedbad van de christenen in Bagdad op 31 oktober 2010 en de daaropvolgende aanvallen op koptische christenen in Egypte in de eerste paar weken van 2011. De Amerikaanse grote kerken hebben deze aanvallen opgemerkt, maar zij zwegen in hun verklaring van wie ze begaan hadden en waarom. De aanslagen werden gepleegd door moslimextremisten, gemotiveerd door een vijandige theologie en ideologie, waarvan Naim Ateek en zijn volgelingen afkerig zijn om onder ogen te zien, ondanks de rol zij spelen in het aanstoken van geweld tegen IsraŽl en Joden in het Midden-Oosten.

De minimale reactie op de islamitische ideologie welke deze aanvallen heeft gemotiveerd, geeft aan dat, Ateek's voorbeeld volgend, de Amerikaanse grote kerken zich hebben gebonden. Of en wanneer de grote leiders en vredesactivisten erin slagen om de ideologie onder ogen te zien die de motovatie is achter de moorden op hun geloofsgenoten in Irak en Egypte, zal het hun stilte scherp in het licht stellen toen IsraŽl en de Joden het doelwit waren van de islamitische ideologie. Wat niet opviel toen de Joodse veiligheid op het spel stond - de islamitische ideologie - is inmiddels ontmaskerd als een centraal vraagstuk voor christenen in het Midden-Oosten.

Voor de noten, klik hier..


DEXTER VAN ZILE
is christelijk media-analist voor het 'Comite voor nauwkeurigheid in Midden-Oosten verslaggeving in Amerika'. Zijn geschriften zijn verschenen in tal van Amerikaanse Joodse kranten evenals de Jerusalem Post , Oecumenische Trends en de Boston Globe . Hij heeft een BA [Bachelor of Arts] in politiek en bestuur van de Universiteit van Puget Sound en een MA [Master of Arts] in de politieke wetenschappen / milieustudies van Western Washington University. Hij is een inwoner van Massachusetts.

Dexter Van Zile: De Wereldraad van Kerken verspreidt een dodelijke verhaal... | pdf 
Dexter Van Zile: De bijbehorende brief aan ds. Tveit van de WvK... | pdf
( lees ook: Dexter Van Zile: Sabeel en zijn christelijke minachting... | pdf)


De Leesmap-index


 

www.vergadering.nu

Bezoekersteller