Brink 13 - Zwolle

 

Home

Bijbellezingen

Activiteiten

Wie zijn wij

Preken

Geschiedenis

Actueel

Het besluit van de broederraad d.d. 30 januari 2005

Beste broeders en zusters,

 

Betreft: de rol van de zusters in de samenkomsten

 

Inleiding

Met deze brief - waarvan de inhoud is voorgelezen tijdens de gemeenteavond van 30 januari jl. - willen wij u informeren over het besluit dat is genomen met betrekking tot de rol van de zusters in onze samenkomsten. Ook willen wij het proces van besluitvorming verantwoorden: hoe wij tot onderstaand besluit zijn gekomen.

We beseffen dat het voor u moeilijk kan blijven. De broederraad is ervan overtuigd gewetensvol te werk te zijn gegaan en heeft duidelijk Gods leiding ervaren. Maar u zult u zich afvragen hoe dat mogelijk is, als het besluit niet overeenstemt met uw overtuiging ten aanzien van de rol van de zusters in onze samenkomsten.

 

Verantwoording

Nadat wij eind april/begin mei het onderwerp 'De rol van de zusters in onze samenkomsten' aan de orde hebben gesteld, is er veel gebeurd. Er zijn enkele gemeenteavonden aan dit onderwerp gewijd. Een avond waarop men meningen en gevoelens kon uiten, alsmede enkele avonden waarop verschillende standpunten aan de orde gesteld werden en zijn toegelicht. Vervolgens is er gelegenheid geweest om schriftelijk of eventueel mondeling te reageren. Van deze mogelijkheid is door verschillende broeders en zusters gebruik gemaakt. Meningen en argumenten pro en contra hebben ons bereikt. Uiteindelijk heeft de broederraad een voorstel gepresenteerd tijdens de gemeenteavond van 3 oktober 2004 en weergegeven in een daarna verzonden brief (gedateerd 17 september 2004).

Vervolgens hebben we in huisbezoeken met vrijwel alle broeders en zusters gesproken. Wij hebben gemerkt dat dit onderwerp de gemoederen bezighoudt.

Hoe u ook denkt over het besluit dat uiteindelijk genomen is, weest u ervan overtuigd dat het niet lichtvaardig is genomen, dat er geen mening doorgedrukt is of n bepaalde groep binnen onze Vergadering zo nodig zijn zin moest krijgen.

 

De broederraad heeft de afgelopen maanden geworsteld met de problematiek, met gevoelens van broeders en zusters en ook gevoelens van zichzelf, maar bovenal geworsteld met de Heer. Heel wat broederraadsvergaderingen van de afgelopen tijd hadden geheel of gedeeltelijk het karakter van een bidstond. Het ging er om Gods leiding door de Heilige Geest te ervaren en duidelijk te krijgen welke vrijheid God ons geeft of ons daarin juist beperkt. Denkend aan ervaringen uit het verleden, overwegend geheel verschillende gevoelens en meningen van broeders en zusters uit onze Vergadering en kijkend naar de toekomst hebben we gebeden om inzicht, wijsheid en leiding.

 

De probleemstelling

Uitgangspunt voor de besluitvorming wordt gevormd door de brief van 17 september 2004. De overwegingen en argumenten uit die brief willen we niet herhalen. Wel willen we de conclusie weergeven, die we in die brief hebben geformuleerd:  

     "De broederraad is van mening, dat het niet aangaat om de vrijheid van de Geest te beperken. We moeten elkaar vrij laten in zaken waar de Geest ons leidt. Waar broeders en zusters vrij zijn om te doen wat Gods Geest hen geeft, wordt deze vrijheid door dezelfde Geest voor zusters n broeders beperkt door zijn leiding.  

     Dit houdt in dat we niet over het geweten van anderen mogen heersen, aangezien 'leiding van de Geest' persoonlijk wordt ervaren. De broederraad is na lang overwegen, gebed, studie en gesprekken tot de overtuiging gekomen dat zusters vrij gelaten moeten worden om, waar de Geest hen leidt, liederen op te geven, te bidden of een getuigenis door te geven."

Onlangs nog hebben wij geconstateerd dat de broederraad in dit standpunt unaniem is.

 

De vraag is daarom niet, of het Bijbels verantwoord is zusters vrij te laten om, waar de Geest hen leidt, liederen op te geven, te bidden of een getuigenis door te geven.

 

In dit stadium gaat het om de vraag of wij deze vrijheid ook inderdaad zullen toestaan, dan wel ‑ om welke reden ook ‑ deze vrijheid toch niet in praktijk brengen.

 


Overwegingen

Bij de besluitvorming zijn verschillende overwegingen aan de orde geweest. Wij zullen er hier niet verder op ingaan. Weest u er van overtuigd, dat alles wat wij hierover vernomen hebben, door ons ernstig is overwogen. Dan hebben we het niet alleen over de huisbezoeken, maar ook over andere gesprekken, schriftelijke reacties en gemeenteavonden

 

De belangrijkste overweging bleek echter niet de vraag, of wij de zusters iets wel of niet toestaan. Waar het om ging, was de vraag of wij de werking van Gods Geest mogen inperken, zeker gezien het feit dat over dit onderwerp verschillende uitleggingen mogelijk zijn.

 

Het besluit

De broederraad is van mening dat wij vergaderen onder de leiding van de Heilige Geest. Maar als wij er van overtuigd zijn dat Gods Geest ons hoort te leiden, moeten we dr ook voor gaan! Wij moeten Gods Geest de ruimte geven. Als we dat niet doen, omdat we bang zijn voor de gevolgen, is dat een ontkenning van de kracht van Gods Geest.

 

De vraag hoort dan ook niet te zijn, of we wel of niet toestaan dat zusters een lied opgeven of een gebed uitspreken in onze samenkomsten. Het gaat er om of wij Gods Geest de ruimte willen geven om te werken zoals Hij wil.

 

Wij mogen niet de vrijheid van de Geest beperken. We moeten elkaar vrij laten in zaken waar de Geest ons leidt. Waar broeders en zusters vrij zijn om te doen wat Gods Geest hen geeft, wordt deze vrijheid door dezelfde Geest voor zusters n broeders beperkt door zijn leiding.

 

De broederraad heeft dan ook besloten deze problematiek aan de Heer over te laten, uit handen te geven en op Gods Geest te vertrouwen. Dan zat Hij het voltooien, als we in de praktijk brengen waarvan Hij ons overtuigt. In vertrouwen deze weg inslaan, loslaten wat ons zorgen baart en overgave van deze zorgen, maar ook van onszelf en onze gemeente, aan de Heer. Dit is geen noodgreep of wanhoopsdaad, we hebben dit uit overtuiging gedaan en we staan er voor.

 

De vrije werking van Gods Geest betekent daarom voor ons dat God zusters kan gebruiken, dus dat zusters liederen kunnen opgeven en kunnen bidden en danken, waar Hij hen daarin leidt. We laten dat dan aan de Heer over en mogen en zullen zusters daarin niet belemmeren.

 

Ook in dit standpunt is de broederraad unaniem.

 

De broederraad stelt voor om deze verandering op 13 februari in te laten gaan.

 

Aanvullende opmerkingen

Ons besluit heeft uitsluitend betrekking op het opgeven van een lied, het uitspreken van een gebed of dankzegging of het doorgeven van een getuigenis. De vraag of een zuster mag 'spreken', preken of leren, hebben wij steeds nadrukkelijk buiten beschouwing gelaten.

 

Met betrekking tot de hoofdbedekking van zusters verwijzen wij naar 1 Ko 11: 1‑16. Wetend dat met betrekking tot de uitleg van dit gedeelte de meningen verdeeld zijn, laten we het aan ieders geweten over om in dezen te handelen naar het inzicht dat de Heer gegeven heeft.

 

Er is gevraagd of zusters bij het Avondmaal het brood mogen breken. Naar ons inzicht geeft de Bijbel hiervoor geen duidelijke richtlijn. Als de Heer daar een zuster voor wil gebruiken, dan mogen wij dat niet tegenhouden [Dit onderdeel is aangehouden en zal eerst verder worden besproken - HS].

 

 

Nu verder

Gezien het voorgaande wil de broederraad de besluitvorming met betrekking tot dit onderwerp afronden en willen we ‑ zoals reeds eerder vermeld, de 'veranderde rol van de zusters in de samenkomst' op zondag 13 februari 2005 in laten gaan.

 

 

De broederraad heeft begrip voor hen die teleurgesteld zijn en kan zich inleven in hun gevoelen. De broederraad bidt en hoopt dat we elkaar accepteren en ruimte geven, dat we door dit besluit rust krijgen en samen verder optrekken om aan Gods plan te voldoen.

 

Wij vinden dat wij ons samen zouden moeten uitstrekken naar de grote opdrachten die de Heer ons gegeven heeft. Loslaten wat ons zou kunnen verdelen en alles over [aten aan Zijn leiding. Dan heeft de Heer voor ons twee grote opdrachten:

o       de Heer onze God liefhebben met geheel ons hart, onze ziel en ons verstand. Dat betekent Hem eren en aanbidden, loven en prijzen. Dan gaat het niet om een enkele samenkomst per week waar wij ons prettig voeten. Dan gaat het er om dat ons hele leven Hem gewijd is, dat wij voor Hem leven, ieder heel persoonlijk, maar ook wij samen, met elkaar zoals de Heer ons heeft samengevoegd in n lichaam, de gemeente;

o       getuigen zijn van onze Heer en Heiland, die mensen die Jezus Christus niet kennen als hun Heiland tot Hem leiden, zodat ze door en in Hem behouden worden; hen onderwijzen en leren te leven zoals God dat van hen verwacht.

Laten we samen die uitdaging aannemen en ons daarvoor inzetten. Gericht op de doelen die God ons gegeven heeft en daardoor gericht zijn op God zelf.

 

Zwolle, 30 januari 2005

 

De broederraad


www.vergadering.nu/zwolle  -  Adres: Brink 13, 8021 AP Zwolle  -  Meer over 'de Vergadering'