Jezus, Gods
Zoon
Meer teksten:
Joh.1:1 In het begin was(!) het Woord en het Woord is vlees geworden(!)
Hij 'was' er in het begin als 'het Woord'. En dát Woord is
vlees/mens geworden.
Joh.5:23 opdat allen de Zoon eren zoals zij de Vader eren
Jezus stelt aanbidding tot Hemzelf en de Vader gelijk
Joh 5:26 Want gelijk de Vader het leven heeft in Zichzelven, alzo
heeft Hij ook den Zoon gegeven, het
leven te hebben in Zichzelven
Alles gaat van de Vader uit.
God de Vader is de oorsprong van alles wat God is in zichzelf.
Joh.6:33 Hij is uit de hemel neergedaald
Neergedaald... Hij was in de hemel
Joh.7:28-29 Hij is gezonden, van Hem [gezonden/uitgegaan] (8:29; 9:4)
Joh.8:38 Hij spreekt wat Hij bij de Vader gezien heeft (gehoord :26)
Joh.8:42 Hij is van de Vader uitgegaan
Joh.8:58 vóór Abraham werd, ik ben
Joh.10:17-18 Hij legt zijn leven uit zichzelf af en neemt het weer
Joh.10:28 Hij geeft eeuwig leven
Joh.10:36 Hij is door de Vader geheiligd en in de wereld gezonden
Joh.11:25 Hij ÍS... het
leven (Hij IS het leven + Hij is de IK BEN)
Joh.11:27 Gij zijt de Christus, de Zoon van God,
die in de wereld komen zou.
...er was dus een Zoon die in de wereld komen zou... kan iemand op aarde komen als hij er niet IS?
Kan iemand gezonden worden als hij er niet IS? Dit verdraagt zich niet
met de gedachte van een Zoon die ontstaan zou bij zijn komen in
de wereld. Dan kun je niet meer spreken van "komen in de
wereld".
Als gezegd wordt dat de Heer Jezus geen voorbestaan heeft vóór zijn
geboorte, is het op zich al eigenaardig dat men zijn geboorte uitkiest voor het moment
dat Hij Zoon en 'God' is geworden. Waarom niet bij Zijn ontvangenis/verwekking of waarom niet bij Zijn doop?
Of waarom is Hij niet Zoon geworden op een bepaald moment in de 'eeuwigheid' waarin Hij er immers al was als het 'eeuwige Woord'?
Joh.13:3
Hij wist... dat hij van God uitgegaan was en tot God heenging
Joh.14:
6 Hij ÍS... het
leven
Joh.16:27,28
gij hebt mij liefgehad en hebt geloofd dat ik van God ben uitgegaan. Ik
ben van de Vader uitgegaan en ben in de wereld gekomen
Joh.17:5 verheerlijk mij,
Vader, bij uzelf met de heerlijkheid die ik bij U had voordat de wereld
was.
Hij was bij de
Vader vóór de wereld was en had daar heerlijkheid.
Joh.20:28 Thomas: Mijn Heer en mijn God
Thomas' uitspraak stelt Jezus aan God gelijk en wordt door Jezus erkend c.q. niet weersproken.
Fil.2 hij was(!) in de gestalte van God - heeft de gestalte van een mens
aangenomen(!) - is de mensen gelijk geworden(!)
Het gaat erom dat Iemand (die er was!) "de mensen gelijk geworden is"?
Kol.1:17 Hij is vóór alle dingen
dus vóór alles wat maar geschapen kon worden
Heb.1:8 Van de Zoon zegt Hij: Uw troon, God, is tot in alle eeuwigheid
De Schrift zegt ook van de Zoon: uw troon, God, is tot in eeuwigheid... en van de Zoon wordt
in vers 10 gezegd dat Hij de schepper van hemel en aarde is.
Hebr.1:10
Hij heeft in het begin de aarde gegrondvest
God schiep de werelden door de Zoon
God deed niets buiten de Zoon om
1Joh.1:2 Hij is het eeuwige leven dat bij de Vader was en is geopenbaard
Hij is eeuwig + Hij was van eeuwigheid bij de vader
1Joh.15:20 Hij is de waarachtige God en het eeuwige leven
... eeuwig, d.w.z. zonder einde maar ook zonder begin
---
Psalm 2
gaat over de strijd en de zegepraal van de Messias:
Waarom woeden de heidenen...? De koningen der aarde stellen zich op...
tegen de HEERE en zijn Gezalfde... maar Ik heb mijn Koning gezalfd over
Sion... Gij zijt mijn Zoon, heden heb ik u gegenereerd... en ik zal de
heidenen geven tot Uw erfdeel... en gij zult hen verpletteren...
Let er op dat het in Psalm 2 gaat het over het moment dat alles in de schepping zichtbaar zal
worden, in de toekomst dus, namelijk als de koningen tegen de Christus
zullen opstaan. Dán staat er "Mijn Zoon zal gegenereerd worden en Hij zal de vijand
verpletteren".
Psalm 2:7 zegt niet dat de Zoon verwekt werd bij zijn menswording; of
ergens in de eeuwigheid. Psalm 2 spreekt van de Zoon die IS: Gij ZIJT Mijn Zoon. De eeuwig Zijnde, zou je kunnen zeggen.
Daarom moet Ps.2:7 gelezen worden als: er IS een Zoon in de Godheid, die in zijn leven, kruiswerk en opstanding,
bewezen heeft Gods Zoon te zijn. En die Zoon zal in de voleinding(!) voortgebracht worden,
gegenereerd worden, d.w.z. zichtbaar gemaakt worden, namelijk om te heersen op aarde.
Volgens Hand.13:33 zou het "Ik heb u heden verwekt" op Zijn opwekking uit de dood slaan. Heden is dan de paasmorgen.
Dus het antwoord op de vraag WANNEER de Heer Jezus ZOON werd, vinden we NIET
in Ps.2:7. Daar staat dat de Zoon IS. ALS er al een begin aan het
zoonschap gezocht moet worden (wat ik dus niet geloof), dan zou dat moment in de verste eeuwigheid
gezocht moeten worden. Dus moet het voor ons mensen, met ons on-eeuwige denkvermogen, toch mogelijk zijn om
Gods eeuwige Vader&Zoon-eigenschappen te aanvaarden. Er is geen reden te bedenken
waarom daar een begin aan zou moeten zijn.
Spr.8::1 'De Wijsheid' roept
Spr.8:22-25 Vóór zijn scheppingswerken was hij daar... van eeuwigheid
af was hij gezalfd... vóór alle begin was hij "geboren".
Spr.8:26-31 toen hij de hemelen en de aarde maakte, was hij daar
dagelijks, een vermaak voor elkaar en zich vermakende met de
mensenkinderen.
De eeuwige communicatie binnen de Godheid zal zeker super-intelligent geweest zijn, op
een ondenkbaar hoog niveau. En tevens een relatie van liefde, dat is de vader-en-zijn-kind relatie. Die eeuwige eigenschap van God ontbreekt als het eeuwig zoonschap wordt ontkent.
Eeuwig zoonschap is ook een logische conclusie als je er vanuit mag gaan dat er binnen de Godheid al vóór de grondlegging van de wereld plannen gemaakt werden.
Jes.9:5a een Kind is ons geboren,
een Zoon is ons gegeven
De Zoon is nooit geboren.
Een kind is geboren. De
ZOON was er, en is ons gegeven. Maria is niet de moeder van de ZOON.
Jes.9:5b Jezus wordt genoemd:
eeuwige(!) vader
De Vader is eeuwig Vader, en dat was Hij natuurlijk nooit zonder de Zoon, met
wie Hij zo één was! De Vader was de eeuwige Vader met de eeuwige Zoon. Jes.9:5 onderstreept de eeuwige eenheid tussen Vader en Zoon.
Micha 5:1 En u, Bethlehem-Efratha, al bent u klein onder de duizenden van Juda, uit u zal Mij voortkomen Die een Heerser zal zijn in Israël. Zijn oorsprongen zijn van oudsher, van eeuwige dagen af.
N.B.: De Messias is een Heerser die van eeuwigheid af is.
Zacharia 12:10 Maar over het huis van David en over de inwoners van Jeruzalem zal Ik de Geest van de genade en van de gebeden uitstorten. Zij zullen Mij aanschouwen, Die zij doorstoken hebben. Zij zullen over Hem rouw bedrijven, als met de rouwklacht over een enig kind; en zij zullen over Hem bitter klagen, zoals men bitter klaagt over een eerstgeborene.
N.B.: De HEER (JHWH) zelf zegt hier: zij zullen MIJ aanschouwen
, die zij doorstoken hebben.
~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~
Discutabele uitspraken
Meer discutabele uitspraken die uit deze verkeerde leer voortkomen:
'Jezus is God, maar niet de eeuwige Zoon'
'Hij was God zoals wij goden zijn'
'God is niet mens geworden'
'Jezus werd Zoon bij... zijn conceptie, of zijn geboorte, of bij zijn doop, of bij zijn opstanding'
'Hij heeft geen voorbestaan'
'De Zoon (of de Heer Jezus) was er niet toen God de hemel en aarde
schiep.'
|